Dennis werkt al ruim vijf jaar voor de schouwburg en houdt zich bezig met het verhuren van alle ruimtes, foyers en zalen als deze niet voor een voorstelling in gebruik zijn. Dat kan aan commerciële ondernemingen, maar ook non-profit instellingen of verenigingen. Daarbij is hij verantwoordelijk voor de sponsoring. Een aantal bedrijven, verenigd in de Stadsschouwburg Foundation, steunt het theater financieel en maakt renovaties en bijzondere projecten mogelijk. Voor haar studie bedrijfskunde aan de Hogeschool Utrecht liep Kamar van september tot en met december stage bij de afdeling Horeca & Sales. En Dennis begeleidde haar daarbij.

Wil je iets meer vertellen over jezelf, Kamar?

‘Ik ben nu 21 en zit in mijn derde studiejaar. Op mijn vijftiende ben ik met mijn tante van Syrië naar Nederland gevlucht. Ik heb hier eerst in een internationale schakelklas gezeten om de taal te leren en in te burgeren in de Nederlandse samenleving. Een hbo-schakeljaar, dat is havo 4 en 5 in één jaar. En toen ben ik doorgestroomd naar het hbo.’ En, zegt ze blij: ‘Ik heb net de Nederlandse nationaliteit gekregen!’

Wat heb je tijdens je stage gedaan?

‘Alle mogelijke sales-dingen, contact met eventbureaus leggen en dergelijke. En ik heb ook onderzoek naar procesoptimalisatie gedaan. Tot mijn stage behoorde een verbeteropdracht. Het idee was om het proces van de sales-afdeling te versnellen. Daarvoor hebben we twee mogelijke oplossingen uitgetest en uiteindelijk toegepast. Voor de planning van al hun voorstellingen en evenementen maakt de schouwburg gebruik van Yesplan. Binnen Yesplan kun je ook communiceren tussen afdelingen en taken toewijzen. Een optie binnen Yesplan is bijvoorbeeld personeel inroosteren. Ze maakten van die mogelijkheid nog geen gebruik. Om het te testen hebben Dennis en ik een pilot met twee medewerkers van de afdeling Planning & Productie gedaan. En zij reageerden heel enthousiast.’
Dennis: ‘Wat ik tof vond, is dat ze een verbeteropdracht had. Kamar heeft daar concreet invulling aan gegeven. Daar hebben we als schouwburg echt iets aan. En dat in zo’n korte tijd van drie maanden, waarin je eerst de organisatie en je collega’s moest leren kennen en weten wat er speelt. ’Tegen Kamar: ‘Ik vind het knap dat je dat binnen onze organisatie voor elkaar hebt gekregen.’

selfie van vier medewerkers van de stadsschouwburg
Het verhuurteam van Stadsschouwburg Utrecht, met v.l.n.r. Kamar Al Haffar, Dennis Dercksen, José Cruys en Max van der Riet – selfie Kamar

Had je niet het gevoel dat je voor de leeuwen geworpen werd?

‘In het begin wel een beetje. Omdat ik geen stage kon vinden, moest ik later beginnen en heb ik ook een paar praktijklessen op school gemist. En dan moest ik ook nog eens een verbeteropdracht bedenken en ook echt implementeren. Dennis heeft me enorm geholpen daarbij.’

Hoe heb je je stage eigenlijk gevonden?

Kamar: ‘Ik vond hem op Fiks.nl, een vacaturesite voor studenten. Via WhatsApp sturen ze geschikte stageplekken naar je toe.’
Dennis: ‘Ja, dat is wel een tip voor andere culturele instellingen: je moet stagiaires, zeker met een andere achtergrond, zoeken waar ze zitten. Voorheen adverteerden we vaak op Culturele Vacatures, maar daar kwamen vooral Nederlandse studenten zonder migratieachtergrond op af.’  

Waar kijk je naar bij stagekandidaten?

Dennis: ‘In principe gaat het gewoon om de beste kandidaat. Ik vond de opleiding Bedrijfskunde passend voor ons vraagstuk. Ze was gemotiveerd en had er veel zin in. Wat ik ook leuk vond is dat ze de schouwburg al vanuit de internationale schakelklassen kende.’
Kamar: ‘Ja, samen met mijn klasgenoten van de Ithaka zijn we naar een voorstelling geweest en in de grote zaal hebben we een festival georganiseerd met films waaraan de scholieren zelf hadden meegewerkt.’

Hoe divers is jullie personeel? 

‘Nou, qua man-vrouw en jong-oud verdeling doen we het heel goed. Een cabaretier twitterde een keer na de voorstelling dat hij met maar liefst vier vrouwelijke technici had gewerkt. Maar qua etnisch-culturele diversiteit lopen we nog wat achter. Er werken wel een paar mensen van andere culturen bij techniek, gebouwbeheer, receptie en P&O, maar dat zijn er te weinig eigenlijk, vind ik.’

De 4 P’s van Stadsschouwburg Utrecht

Voor hun diversiteits- en inclusiebeleid hanteert Stadsschouwburg Utrecht de 4 P’s van Code D&I: Programmering, Publiek, Partners en Personeel. Hoe doen zij dit? Allereerst zijn ze als theater aangesloten bij het landelijke stimuleringsprogramma Theater Inclusief, en in Utrecht bij PACT Utrecht, een netwerk van Utrechtse cultuurmakers. Het netwerk zoekt met elkaar en binnen de eigen organisaties naar manieren om diverser en inclusiever te worden.
Intern zijn er de afgelopen jaren diverse bijeenkomsten georganiseerd om het personeel bewust te maken van diversiteit en inclusie en de onbewuste vooroordelen. Werving van personeel loopt regelmatig via bureaus met aandacht voor diversiteit.


Op programmeringsgebied probeert Stadsschouwburg Utrecht een zo divers mogelijk programma neer te zetten. Door onder andere Nederlandse makers te programmeren met een etnisch-culturele achtergrond. Ook over publicitaire uitingen wordt bewust nagedacht. Wie staat er op een poster of geveldoek? En waar moeten deze uitingen worden uitgezet?
Met betrekking tot samenwerkingspartners gaat het theater actief op zoek naar andere partners dan de geijkte theatergezelschappen. Door bijvoorbeeld een lokale hiphopcrew het voorprogramma bij een dansvoorstelling te laten verzorgen.

Wat doen jullie om een theater van en voor iedereen te zijn?

‘Onze deuren staan open voor iedereen. Diversiteit is een speerpunt in ons beleid. We willen een inclusieve organisatie worden. Dat wil zeggen dat het personeel een afspiegeling van de Utrechtse samenleving moet zijn. Intern hebben we onlangs een online training Unconscious Bias gevolgd. Over onbewuste vooroordelen die bijna iedereen heeft. Over de eerste reactie waarmee je op een ander reageert. Dat heeft me wel aan het denken gezet. Er zitten toch meer vooroordelen in je dan je zelf denkt.
Daarnaast zijn we bezig met het bereiken van nieuwe doelgroepen en internationalisering. Hoe haal je internationale bezoekers binnen? Het komt er eigenlijk op neer dat je die doelgroepen dan eigenlijk zelf in huis moet hebben, in je eigen personeelsbestand. Mensen die de taal spreken en met een soortgelijke culturele achtergrond.’

Hoe proberen jullie die andere doelgroepen te bereiken?

‘Daar komt best veel bij kijken. Je kunt wel iets programmeren voor de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap, maar dat betekent niet dat er dan automatisch ook veel Marokkaanse bezoekers op afkomen. Dat aandeel is maar klein.
Een speerpunt voor de komende jaren is om ons meer in de Utrechtse wijk Overvecht te manifesteren. Je moet je doelgroepen echt actief opzoeken en een band met ze kweken. Dingen in hùn wijk doen, locatieprojecten, en als schouwburg laten zien wat we kunnen en wie we zijn. Dat we geen gesloten bolwerk zijn.’

”Leer elkaar actief kennen”

Wat hebben jullie van elkaar geleerd?

Kamar: ‘Dennis is altijd vrolijk en behulpzaam. Hij heeft me geholpen om met andere bedrijven te communiceren, dat had ik nog nooit gedaan. En tijdens het event van Code Diversiteit & Inclusie nam hij me ook mee om me aan iedereen voor te stellen. Dat vond ik erg leuk.’
Dennis: ‘Wat ik wel heel goed van Kamar vond, is dat ze zo vastbesloten was. ’Tegen Kamar: ‘Je ging recht op je doel af. Soms vroeg je even hoe moet dit of dat, maar dan ging je weer rechtdoor. Daar kan ik wel wat van leren ja. En ik vond het een verrijking om een stagiaire met een andere culturele achtergrond te hebben. Dat gaf me echt plezier.’

Zijn er ook dingen die je liever anders had gedaan?

Dennis: ‘Nou, achteraf gezien had ik toch veel meer van Kamar willen weten. We hebben wel koffiegedronken en van alles samengedaan, maar – en drie maanden is vrij kort natuurlijk – we hebben elkaar niet echt goed leren kennen. Hoe ze woont en leeft en wat bijvoorbeeld haar hobby’s zijn. Met een vorige stagiaire, een jongen van 22 die net als ik van sporten hield, was dat wel anders. Daarmee liep ik tijdens de pauze een rondje om. Ik had gewoon meer het gesprek met Kamar moeten aangaan of samen moeten lunchen of zoiets.’
Kamar (knikt bevestigend): ‘Ja, daarin heeft Dennis een beetje gelijk. Buiten mijn stage om heb ik hem ook niet echt leren kennen.’
Dennis: ‘Dus dat is wel een tip voor anderen: Ga actief het gesprek aan en leer elkaar kennen. Dat maakt een stage nog leuker dan dat hij al is.’