Op de dansvloer van Het Danspaleis hoort iedereen erbij
- PProgramma
- PPartners
- PPubliek

Foto: Het Danspaleis
Twintig jaar geleden reisde dj Suna Duijf (zij/haar) met een koffer vol platen naar het 75e verjaardagsfeest van de moeder van een vriendin. Dat was het startsein voor de oprichting van Het Danspaleis. Inmiddels brengt Het Danspaleis ouderen in heel Nederland samen op de dansvloer, zo’n 600 keer per jaar.
Oprichter Suna zag bij die verjaardag wat muziek kan doen voor jong en oud. ‘’Ik zette de eerste plaat op en het was boem, raak. Iedereen ging dansen: vrienden, kinderen, kleinkinderen, alle generaties gingen los. Dat vond ik zo ongelofelijk bijzonder.’’ En dat inspireerde: ‘’Er zat vergrijzing aan te komen, en dit sloeg gelijk aan. Ik kreeg ook media-aandacht, het was een gouden formule. Ik belde verzorgingstehuizen op en vond een tehuis dat me regelmatig liet draaien, zo is het gaan lopen.’’
Iedereen heeft een verhaal met muziek
Het Danspaleis richt zich op ouderen vanaf ongeveer 55 jaar. Maar volgens Suna bestaat dé oudere niet. ‘’Als je naar de steden kijkt zie je hoe divers de populatie ouderen eigenlijk is.’’ Daarom organiseert Het Danspaleis naast reguliere dansactiviteiten ook kleinschalige huiskameredities voor specifieke groepen. In Amsterdam-Zuidoost zijn er bijvoorbeeld huiskameredities voor Surinaamse en Antilliaanse ouderen. Ook zijn er edities voor onder andere vrouwen, Chinese en LHBTQ+-ouderen. Bij de huiskameredities is de sfeer intiemer: ‘’Bij de reguliere edities zijn er soms wel 150 mensen, bij een huiskamer zitten er soms maar twaalf tot vijftien. Dan wordt er veel meer gepraat en persoonlijk contact gemaakt.’’ Vragen over muziek vormen een natuurlijke ingang: ‘’Waar ben je geboren? Had je idolen? Welke muziek luisterde je?’’
‘’Iedereen heeft wel een verhaal met muziek. Iedereen heeft muziek waarmee die is opgegroeid, dat is heel verbindend.’’
– Suna Duijf, dj en oprichter Het Danspaleis
Muziek kan ook helpen om mensen bij elkaar te brengen die elkaar niet altijd makkelijk ontmoeten. Suna vertelt over vrouwen uit verschillende voormalige oorlogsgebieden. ‘’Het is heel schrijnend. Als ze onder elkaar zijn, hebben ze in ieder geval elkaar.’’ Maar juist daar kan muziek iets veranderen: ‘’Je verstaat elkaar gewoon niet altijd, maar dat is het mooie aan muziek en dansen. Het is een universele taal.’’ Volgens Suna is dat in deze tijd hard nodig: ‘’In een wereld waar mensen in bubbels leven zijn wij het tegengeluid: we doorbreken bubbels.’’ Dat is volgens haar de kracht van Het Danspaleis.

Foto: Het Danspaleis
Niet over mensen praten, maar mét mensen
Voor Suna begint inclusie met nieuwsgierigheid. ‘’Doe geen aannames en leer met oprechte interesse over de persoon en de doelgroep. Wees daarin open en genuanceerd.’’ Ze geeft een bijeenkomst voor Chinese ouderen als voorbeeld. ‘’Ik wist eigenlijk bijna niets over deze groep mensen.’’ En dus ging ze kennismaken: ‘’Ik heb eerst iets over mezelf verteld. Waar ik geboren ben, wanneer, wat muziek voor mij betekent. Het is belangrijk om eerst zelf de deur te openen naar de ander. En dan ga je vragen stellen.’’
De ontmoeting leverde nieuwe inzichten op: ‘’Je hoort allemaal muziek die je niet kent. Je ziet reacties die je niet kent. Mensen zingen met elkaar mee, houden elkaars handen vast. Door muziek raak je aan emoties en gaan mensen reageren.’’ Zo ontdekte Suna ook muzikale verschillen binnen de groep: ‘’Hier had je duidelijk verschil tussen Kantonees, Hongkongs en Mandarijns Chinees, ook muzikaal gezien. Dat is allemaal informatie die je opslaat en meeneemt.’’ En daarna ontstaat de verbinding: ‘’Er is dan connectie en herkenning, het gevoel dat je iets met elkaar deelt.’’
De dj is de verbinder
Bij Het Danspaleis is de dj daarom veel meer dan iemand die plaatjes draait. ‘’De platendraaier is de moderator, de regisseur van de middag. De verbinder.’’ Suna legt uit: ‘’Je moet wel weten wat je doet met muziek. Maar ook met tekst. Je praat met mensen en zorgt dat iedereen aan bod komt. Het doel is uiteindelijk dat mensen elkaar vinden op de dansvloer.’’ En dat maakt het verschil: ‘’Je wilt dat iedereen met elkaar danst. Als je danst, heeft iedereen het gevoel dat ze onderdeel zijn van de groep’’. Het Danspaleis heeft dan ook de passende titel ‘tankstation van levensvreugde’ gekregen.
‘’Als je ouder wordt, wordt je wereld steeds kleiner en heb je kans dat je in een cocon komt waar je niet meer uitkomt. Muziek en dans breken dat open.’’
– Suna Duijf, dj en oprichter Het Danspaleis
En dat raakt aan de drie belangrijke thema’s van Het Danspaleis: eenzaamheid, vitaliteit en samenleven. ‘’Inclusiviteit valt voor ons onder samenleven. We willen voor alle ouderen een rol betekenen en al die verschillende unieke ouderen bij elkaar brengen.’’
Inclusie vraagt om maatwerk en samenwerking
Een inclusieve activiteit betekent volgens Suna niet dat iedereen hetzelfde aanbod krijgt. Soms is maatwerk nodig. ‘’Bij Turkse en Marokkaanse ouderen merkten we dat het niet altijd gebruikelijk was dat er mannen bij zijn. Daarom hebben we die omgezet naar vrouwenedities.’’ Daarbij horen ook eigen dj’s: ‘’We hebben voor verschillende doelgroepen verschillende draaiers, specialismes krijg je dan.’’ Ook wat mensen nodig hebben om mee te kunnen doen, verschilt. ‘’Je hebt mensen met een rolstoel of rollator, mensen met dementie en mensen die nog heel kwiek zijn.’’ Medewerkers en vrijwilligers krijgen daarom trainingen, bijvoorbeeld over dansen met mensen in een rolstoel, dementie, LHBTQ+-inclusie en verschillende dansstijlen.
Gelukkig is de dansvloer voor iedereen: ‘’Uiteindelijk wordt iedereen betrokken op diens eigen manier. Eigenlijk maakt dat het juist zo leuk, dat alles dwars door elkaar heen loopt.’’ Een mooi voorbeeld is Bep, een echte Amsterdamse, die meeging naar een Danspaleis met veel Hindoestaanse ouderen. Volgens Suna zou iedereen, van elke leeftijd, dat moeten doen: ‘’Je kan allerlei werelden instappen, iedereen kan zich vinden in verschillen en tegelijkertijd gemeenschappelijke dingen vinden. Hokjes afbreken, dat kan muziek en dans goed.’’

Foto: Het Danspaleis
Inclusie vraagt om samenwerking, ook achter de schermen
Inclusief werken betekent ook onderzoeken welke mensen niet vanzelf naar jouw aanbod komen. Daarom werkt Het Danspaleis veel samen met partners en sleutelfiguren. ‘’Niet iedereen bereik je met een flyer in de bus. Je moet dan mensen hebben die zich met die groepen bezighouden.’’ Dat vraagt ook om uitproberen en evalueren: ‘’Het is trial and error, de goede contacten blijf je houden.’’
Diversiteit en inclusie moeten volgens Suna niet alleen zichtbaar zijn in het programma. ‘’Als je het goed wilt doen, gaat het niet alleen over een dienst. Het gaat over je werkwijze, je beleid en je eigen organisatie.’’ Dat betekent ook dat je aan de slag gaat binnen het team en onder vrijwilligers. Suna legt uit: ‘’Je moet diversiteit en inclusie bespreken binnen de organisatie, het moet een thema zijn.’’ Daarbij zijn verschillende perspectieven belangrijk: ‘’Je hebt mensen nodig die goede kritische vragen stellen en nuances kunnen aanbrengen in het gesprek.’’
Vier tips voor de culturele sector
Tot slot deelt Suna nog een aantal tips voor inclusief werken en programmeren.
Doe geen aannames. Je weet niet vanzelf wat een bepaalde doelgroep graag wil. En weet je eigenlijk wel welke diversiteit er binnen die doelgroep bestaat?
Praat niet over mensen, maar mét mensen. Stap écht in de wereld van de ander. Ga in gesprek. Stel jezelf open en geef de ander vervolgens de ruimte om hetzelfde te doen. Zoek daarin naar een onderwerp dat iedereen raakt.
Kijk naar je hele organisatie. Inclusie is niet klaar bij het organiseren van een inclusieve activiteit. Het gaat ook over hoe je werkt, en met wie.
Zoek de juiste partners. Goede samenwerkingspartners vinden is essentieel. Zo kun je doelgroepen bereiken die anders buiten beeld blijven.